Over Mij

Piet RidderPiet Ridder, tijdens een trouwerij op de Grote Markt in Haarlem

In 1951 in Haarlem geboren en opgegroeid in een gezin met 4 broers en zusje Marja. Vader Piet was fabrikant van matrassen en in de latere jaren zitmeubelen. Deze firma is in jaren 80 voortgezet door de broers Ed, Boudewijn en Paul, waar helaas broer Boudewijn in 1991 vroegtijdig is komen te overlijden. Het meubelbedrijf Perida bestaat nog steeds en levert al jaren rechtstreeks aan particulieren en is te vinden in Vijfhuizen.

Moeder Truus bemoeide zich met het huishouden en was verder  zeer actief op de badminton en tennisbaan. Zij is één van de medeoprichters  van de badmintonclub Duinwijck  jeugdafdeling geweest en zorgde ervoor dat alle kinderen Ridder in de jaren 50 al op jonge leeftijd aan het badmintonnen waren.

Door de bouw van een specifieke badmintonhal in 1960, kregen vele Duinwijck badmintonners de mogelijkheid om zich zeer snel te verbeteren, er kon immers iedere werkdag tussen 17.00 en 19.00 uur van de badmintonhal gebruik gemaakt worden. De voorsprong van de eigen hal t.o.v. de rest van Nederland resulteerde in 1965 dat 9 Duinwijck teams kampioen werden.

Een jonge Piet Ridder tijdens een competitiewedstrijd in de Duinwijckhal, rechts Cock KoenekoopOok Piet Ridder grossierde in jeugdtitels, waarvan 3 x Nederlands jeugdkampioen onder de 14 jaar. De rivaliteit binnen de familie was zeer groot en dat zorgde er voor dat er hard getraind werd om toch maar te proberen om van de oudere broer een game af te snoepen.

De resultaten van deze onderlinge strijd zorgden ervoor dat de Ridders een toonaangevende familie in Nederlands badmintonland werd en mede met andere clubgenoten, er al in 1974 het tiende landskampioenschap van Nederland binnen gehaald kon worden. Verder werd er individueel heel veel nationale titels binnengehaald waarbij de jongste telg Rob het meest succesvolst is geworden.

Het vervelende van die leuke sport was dat er ook nog geleerd moest worden en dat was voor de meeste jonge Ridders een beetje lastige bijzaak geworden. Moeder Truus had echter besloten dat alle jongens maar naar een strenge Mulo school in Heemstede moesten, waar zij iedere week een rapportje kregen voor gedrag en vlijt en de prestaties voor Frans, Engels, Duits etc…

Ook de school in Heemstede hebben zij overleefd, iedereen fladderden na deze periode naar een baan of gaf de voorkeur om verder te leren. Vanwege dat het geld lonkte en dat de studierichting niet hetgeen was waar Piet op gehoopt had, zei hij na 2 jaar dag tegen de HTS Elektronica  en begon geld te verdienen op de exportafdeling bij een Amerikaans luchtvrachtbedrijf Emery Air Freight. Na nog een wisseling van baan op Schiphol, solliciteerde hij in 1974 op een functie van export medewerker bij de computer firma IBM in Amsterdam bij de fabricage divisie schrijfmachines.

Bij IBM was op sociaal gebied bijna alles prima geregeld en er waren ook ongekende mogelijkheden om via interne cursussen verder te komen. Piet voelde zich in dit bedrijf helemaal thuis en kwam er eigenlijk een beetje rust in een wat onzekere periode. In 1975 trouwde hij met Dorrie van den Ende en werden bekroond met een koningswens door dochter Bianca en zoon Marco te krijgen.

Vanwege een zelf opgelegde doelstelling om ook binnen het bedrijfsleven te presteren, kwam de badmintonsport een beetje in de verdrukking en werd het aantal dagen van trainen teruggebracht naar nog maar 2 keer in de week. Er waren nog wel prestaties, maar het heilige badmintonvuur begon een beetje uit te raken.

Hij had zijn zinnen gezet op zijn maatschappelijke carrière. In het begin was het bij IBM toch wel wat moeilijker dan hij gewild had. Alle processen binnen het bedrijfsgebeuren waren beschreven en eigen creativiteit werd eigenlijk niet erg op prijs gesteld. Het heeft een en aantal jaren geduurd voordat hij aan de Amerikaanse cultuur gewend was en begon daarna de werkomgeving, het werk en de cursussen steeds leuker te vinden.

Binnen IBM waren er altijd veel veranderingen. Doordat het bedrijf constant in beweging  was, ontstonden er ook vele interne vacatures. Toen IBM stopte met de fabricage van schrijfmachines, kreeg Amsterdam een nieuwe printer missie. Amsterdam ging bedrijfsprinters maken in alle soorten en maten. Inmiddels werkte Piet op de afdeling Orders & Schedules en werd hij gevraagd om systeembeheerder te worden. Vandaar uit ging het in een stroomversnelling.

Vanwege het plan om high volume producten te gaan maken (kleine printers voor eindgebruikers) moest er een nieuw barcode systeem worden geïmplementeerd, want men voorzag een probleem om dit verder met ponskaarten te moeten afhandelen. Binnen een klein jaar moest dit systeem geïmplementeerd worden. Piet mocht aan het project meedoen als business information analist. Na succesvolle implementatie vond IBM dat Ridder maar people manager moest gaan worden bij de afdeling Parts Inventory Control.. Deze afdeling had de verantwoording om op tijd de onderdelen naar de assemblage lijnen te leveren. Door interne integraties werd dit een groep van 36 mensen en Piet was meer bij IBM in Amsterdam dan in zijn woonplaats IJmuiden

Ook deze tijd ging weer voorbij, want IBM had besloten om het gehele printer gebeuren van de hand te doen. Er werd voor de printers een nieuwe firma Lexmark opgericht en mensen konden op vrijwillige basis naar betreffende onderneming overgaan.

Ridder bleef bij IBM en kreeg een nieuwe people manager funktie binnen system36 en later AS400. Amsterdam had een missie gekregen om systemen compleet met software te laden en de apparatuur volledig van alle opties te voorzien zoals de klanten dat in Europa besteld hadden. Ook hier vergde kwartaal afsluitingen de nodige topsport inspanningen en na een paar jaar vond hij dat het tijd was om weer iets anders binnen IBM te gaan doen.

De keuze viel op een functie zonder mensen binnen de IBM service organisatie. Piet werd program manager binnen de EMEA Reutilization Competence Centre. De servicekosten op IBM machines was een redelijke kostbare zaak, dit door preventieve vervanging van kritieke onderdelen. Vanwege de druk op de kosten werd reutilization een gevleugelde kreet binnen de IBM organisatie (Reparatie of hergebruik van reserveonderdelen).

Door enigszins wat wildgroei aan reparatie activiteiten binnen Europa werd ik gevraagd om, samen met inkoop en andere functies, program manager voor centralisatie van deze activiteiten te gaan uitvoeren. Dit was een lastige klus daar ieder land wel vond dat hij de juiste keuze van reparatie fabrikant had gedaan. Na veel gereis en certificering van centrale repair vendors was deze klus na een paar jaar geklaard en tijd voor een nieuwe functie.

Laatste jaren bij IBM heeft Ridder een functie gehad als Europese life cycle program manager en de doelstelling was om de onderdelen voor eind producten, die niet meer verkocht werden, tot aan eind van de service periode in de juiste hoeveelheden wereldwijd in voorraad te hebben om zodoende onderhoud op IBM apparatuur te waarborgen.

Zeer leuke functie, waarbij in de opzetfase veel naar Amerika gereisd moest worden.

Totaal heeft Piet 31 jaar bij IBM met veel plezier gewerkt. Hij heeft er heel veel geleerd en veel nationale en internationale cursussen mogen volgen, echter wel hard moeten werken. 5 jaar geleden heeft hij de kans en gelegenheid gekregen om het bedrijf vrijwillig te verlaten.

Na de werkperiode is er nu weer tijd voor andere leuke dingen en tot op heden kan hij zijn tijd aardig invullen. Ook de oude liefde voor de badmintonsport begint weer aan hem te knagen en is klaar om in zijn laatste levensfase ook hier weer een steentje aan bij te dragen.

 

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to Twitter

Reacties   

0 #1 John Keizer 21-12-2015 14:08
Interessant hoor Piet om jouw carriere eens verkort te lezen dit wist ik nog niet van je. Inmiddels zelf ook met pensioen vanuit het bankwezen, de dagen vliegen voorbij , gaan steeds harder en kan me mooi bezighouden met was vrijwilligerswe rk en div hobbies.
Nogmaals leuk om te lezen.
Citeer